donderdag 13 februari 2014

Mette

Tussen mijn derde en mijn twaalfde levensjaar ging ik naar een heel klein schooltje, en wij zaten daar in kleine klasjes met weinig kindjes. Zo'n tien per leerjaar ongeveer. Een vijftal jongens en een vijftal meisjes. Zoals dat gaat met meisjes tussen drie en twaalf waren ongeveer al die meisjes wel eens gedurende een tijdje "mijn beste vriendin", maar eentje daarvan was, achteraf beschouwd, toch een beetje 'bester' dan de rest. Een zotte doos waarmee ik ook na schooltijd uren doorbracht. Ik herinner me massaal veel logeerpartijtjes en woensdagnamiddagen bij ons thuis of bij haar thuis. Wij zaten in onze eigen wereld, zij en ik. De keuze voor verschillende middelbare scholen en alles wat daarna kwam, dreef ons een beetje uit elkaar, maar er bleef wel altijd een beetje contact. Omdat dat dorp waar dat kleine schooltje staat nu eenmaal ook heel klein is, uiteraard. Dus via-via (onze moeders vooral) bleef ik wel altijd een beetje op de hoogte van haar wel en wee. Zoals toen ze 'voor de vrouwen' bleek te zijn. Ik vermoede aanvankelijk dat dat één van haar zotte grillen was maar ze houdt dat nu toch al wel lang vol - 't moet zijn dat het toch menens is. Wij zien elkaar maar heel soms, maar doen wel graag lieve dingen voor elkaar. Zo van die hele lieve dingen. Toen mij ter ore was gekomen dat ze ging trouwen, bracht ik bloemen naar de zaal waar 's avonds het feest zou zijn. Toen zij mijn naam tegenkwam op een affiche voor het amateurtoneel, zat zij op de eerste rij - en stond achteraf aan de deur van de kleedkamer met een gigantisch boeket. Dat was vooral hilarisch gezien de minusculiteit van mijn rol in dat toneelstuk.

Een fijn facebookideetje ergens vorig jaar maakte dat zij één van mijn uitverkoren mensen was, iemand die van mij een verrassing mocht verwachten in de loop van het jaar (en ik besef nu dat er nog enkele mensen zijn die hun verrassing nog steeds niet gekregen hebben). Op haar verjaardag, die in mijn geheugen gekerfd staat zoals dat gaat met verjaardagen van mensen van vroeger, stuurde ik haar een kaartje met een uitnodiging. Een paar weken later zaten we aan de warme chocolademelk en de frambozentaartjes. Elk met een verrassing: ik een blije baby van een maand of zes, zij eentje van min drie maanden. De stapel zwangerschapskledij die ik zelf grotendeels (volledig?) tweedehands kreeg, werd doorgegeven, alsook de Beatrijs-boeken.

Intussen is dat kindje er, een klein meisje. Zij aan zij aan zij, zoals ze dat zo mooi op het kaartje schreven. Kippenvel krijg ik ervan (want dat zal ze nu ook wel geleerd hebben, dat je bij het moeder worden ook op slag verandert in een melige appel). Binnenkort wil ik graag op bezoek natuurlijk, ik kan amper wachten om die mooie Mette in het echt te zien. Maar laat ze eerst maar even op adem komen alledrie, want het is toch wel wat, zo'n nieuwe huurder in huis.

Maar een kadootje heb ik toch al maar opgestuurd, daar wilde ik niet mee wachten. Een jurkje dat ik voor mijn eigen kleintje gemaakt had - maar haar eigenlijk ben vergeten aan te trekken. Omdat het de eerste weken veel te groot was, en een paar weken later is het alweer te klein. Want het gaat zo snel.



Een kaartje er dan bij, met een waarschuwing, dat het voor 0 tot 3 maanden is, ongeveer. Behoorlijk opgetogen over het kaartje ook. Authentiek vintage, gevonden bij Lucien Cravate.

(Want wat bestaan er lelijke babykaartjes. Dat hebben we mogen overvinden, zo'n maand of negen geleden.)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen